Hoofd menu

Nationale Boomfeestdag weer op Gnephoek

Ook dit jaar is de Gnephoek het toneel van de Nationale Boomfeestdag. Woensdag 14 maart verzorgen circa 110 leerlingen van basisschool de JenaPlaneet en Prisma Speciaal Onderwijs het onderhoud van‘ de Natuurmuur’, de vorig jaar aangeplante houtsingel. Hoogtepunt vormt de aanplant van een zogenaamde ‘Toekomstboom’ waarmee het project ook digitaal tot leven komt. Een logisch vervolg op een uniek project.

 

“Je kunt wel bomen planten maar je moet ze ook verzorgen”

Biodiversiteit
‘De Natuurmuur’ is een initiatief van VoedselPark Gnephoek in nauwe samenwerking met de gemeente en IVN. Een ruim 350 bomen tellende houtsingel, die door scholieren in één ochtend is ingeplant. De Natuurmuur is primair bedoeld voor het vergroten van de biodiversiteit. De houtsingel biedt vogels, insecten en kleine dieren voedsel en nestruimte, geeft luwte en is een belangrijk element in het polderlandschap.

Onderhoud en bodemverbetering
Onder het motto: “Je kunt wel bomen planten maar je moet ze ook verzorgen”, ligt dit jaar de nadruk op onderhoud en bodemverbetering. Met gerichte bemesting en het afdekken van boomspiegels bevoordelen de leerlingen de jonge aanplant een ten opzichte van het omringende ruigtekruid.

Schone van Boskoop
Toch gaan er ook bomen de grond in. Klapstuk is de ‘Toekomstboom’. Deze stoere hoogstam appelboom, een zogenaamde Schone van Boskoop, wordt het symbool van de de Natuurmuur. Naast de appel komt een herinneringspaal met een QR-code. Met de Growapp kan iedereen via foto’s, berichten en filmpjes de groei van de Toekomstboom en de Natuurmuur vastleggen en volgen. Door boom en de houtsingel ook digitaal tot leven te brengen ontstaat er meer verbondenheid tussen mens en natuur.

Lees meer...

Maak de bij weer blij

Bijencrisis - Het gaat overal slecht met de bij en andere bestuivende insecten. Dit hangt samen met de teruggang in biodiversiteit door monoculturen, bestrijdingsmiddelen en te weinig wilde bloemen. Bijen en andere insecten bestuiven 60 tot 90 procent van alle planten en bloemen, waardoor zij de hele voedselketen in stand houden. Het tegengaan van de bijensterfte is iets wat ook VoedselPark Gnephoek sterk bezighoudt, en waar wij aan bijdragen door onze ecologisch diverse tuin waar volop ruimte is voor wilde planten. In de aanloop naar de Bijeenkomst Alphen Bijenstad, die op 10 december in Boskoop wordt gehouden, spraken wij daarom met de bijminnende imker Cees van den Berg over problemen en oplossingen voor bijen.

Bijvriendelijke imker - Cees is hobby-imker geworden nadat zijn volkstuin in de Ridderbuurt zijn hart had gestolen. Door het werken met de handen in de aarde ging hij meer over natuurlijke processen nadenken en wilde hij zijn eigen product maken in samenwerking met de natuur. Cees volgde een imkercursus en ging naar bijencongressen, en verzorgt inmiddels vier bijenvolken. Ook zet hij zich in voor verbetering van de bijvriendelijkheid van Alphen aan den Rijn. De meeste imkers zorgen echter vooral voor hun eigen bijen, lijkt ons. Zo rijst de vraag of imkers eigenlijk wel bevorderlijk zijn voor de wilde bijenpopulatie. ‘Voor bijenhouders is het essentieel om de biodiversiteit te bevorderen,’ legt Cees uit. ‘De Nederlandse BijenhoudersVereniging maakt zich hier dan ook hard voor. Vroeger waren de randen van akkerlanden vol met bloemen, maar tegenwoordig wordt er steeds minder bloemzaad gezaaid, omdat boeren hiervoor geen subsidie meer krijgen.’

Concurrentie? - Oké, imkers stimuleren de groei van stuifmeelhoudende planten, maar komt dat niet vooral ten goede van hun eigen honingbijen? Is de honingbij in die zin geen concurrent van de wilde bij? Volgens Cees is dat geen factor van belang. ‘Het is natuurlijk zo dat waar honingbijvolken leven, er iets minder stuifmeel is voor wilde bijen. Maar het belangrijkste probleem is dat het aanbod verschraalt. Als het aanbod aan drachtplanten -planten die stuifmeel geven- weer herstelt is het probleem verholpen.'

Voedseltekort - De gemeente Alphen aan den Rijn zou volgens Cees veel meer kunnen doen op dat vlak. In de zomer redden bijen het wel, maar in het voorjaar en najaar hebben ze moeite om genoeg voedsel te vinden. ‘In Milheeze in Brabant hebben ze bijvoorbeeld een veld met duizenden krokusbollen beplant. Het is een eenmalige investering waar je veel profijt van hebt, omdat de bollen ieder jaar opnieuw opkomen.  Zo hebben de bijen ook in het vroege voorjaar te eten.’ De gemeente Alphen aan den Rijn zaait echter overal alleen gras in, omdat dat makkelijk is in het onderhoud. ‘Dat terwijl het zaaien van klaver net zo goedkoop is, en veel meer voedsel voor insecten oplevert. Het is dan natuurlijk wel zaak om pas te maaien als de klaver is uitgebloeid, maar dat is eigenlijk ook juist een besparing.’

Maaien en gifgebruik - Zo komen we bij een ander heikel punt: de gemeente maait te vaak en op de verkeerde momenten. ‘Dan staat net alles in bloei, en dan komt de grasmaaier er weer overheen. Er zijn in Alphen al verschillende burgerinitiatieven geweest om bloemzaad in te zaaien, maar als er een maand later alweer gemaaid wordt heeft dat natuurlijk geen zin.’ Ook het gebruik van landbouwgif moet om de schop om de bij te redden. De bijen krijgen de bestrijdingsmiddelen binnen via stuifmeel, nectar, lucht, water en bodem. Ook als de insecticiden niet direct dodelijk zijn voor bijen, kunnen ze schadelijke effecten hebben op de gezondheid en de ontwikkeling van de bijen, zeker als een volk al verzwakt is door honger. Ook hier in de regio is dat een groot probleem. ‘Een paar jaar geleden is in Boskoop het grondwater onderzocht, met schrikbarende resultaten. Willen we de bij redden moeten we overschakelen op biologische landbouw, want bij intensieve landbouw wordt altijd gif gespoten. De overgang naar landbouw zonder bestrijdingsmiddelen wordt vaak als irreëel afgedaan, maar uit onderzoek blijkt dat biologische landbouw prima in onze behoeften kan voorzien.’

En nu? - Er is dus nog een grote stap te maken voor veel boeren, en er valt genoeg te sleutelen aan het gemeentelijk bijenbeleid. Cees kijkt dan ook uit naar de bijenconferentie van 10 december en hoopt dat de bijeenkomst ertoe leidt dat de gemeente eindelijk overgaat op concrete stappen. Wat kunnen wij burgers ondertussen doen om het de bij bij te staan? ‘Stoppen met het ‘asfalteren’ van je tuin,’ lacht Cees. ‘En laat zo’n goede paardebloem eens met rust.’

Lees meer...

Nieuwe aanplant: alles eetbaar

Dankzij een voucher van de Groene Motor is het VoedselPark Gnephoek aangeplant met tientallen eetbare bostuinplanten, zoals: arbutus, toona, gele- en japanse kornoelje, moerbeien, honingbessen, appelbessen en meer. Een enorme boost voor de biodiversiteit.

 Met de nieuwe aanplant is voorzicht een begin gemaakt met de inrichting van diverse thema's, zoals: kruiden in en rond de kruidenspiraal, een fruitlaantje met diverse bessen, mirabellen, appel en peer; het begin van de boomgaard met mispels, kornoelje, kiwibes en olijfwilg en anderszins eetbare bomen en struiken zoals: hazelaars, vlier, augurken- en erwtenstruiken. Benieuwd? Kom binnnekort eens langs.

Meer weten over de Groene Motor? Bezoek deze website.

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Waar is VoedselPark Gnephoek

Contact

Internet
Contact leggen met VoedselPark Gnephoek gaat het meest eenvoudig via internet. Stuur een bericht via mail of Facebook of gebruik het Contactformulier. Je krijgt bijna altijd binnen een dag respons.

Spontaan aanwippen
Spontaan langskomen bij het Voedselpark mag altijd. We zijn er op sterk wisselende tijden. Zaterdagmiddag is zo'n beetje de vaste werkdag. Als je dan langswipt is er vast iemand die je van alles kan vertellen en je kan direct meewerken als je wilt.

Ontvang onze nieuwsbrief

Vul je emailadres in en klik op 'Inschrijven' om je aanvraag te verzenden.

Bezoek VoedselPark Gnephoek op Facebook Blijf automatisch op de hoogte via onze RSS-feed